Maatregelen bij het vervoer van stoffen met verhoogd risico ADR 1.10
 
 
  • Gevaarlijke goederen met een verhoogd risico zijn deze die ernstige uitwerkingen kunnen hebben (verlies van vele mensenlevens, grote verwoestingen,...) wanneer ze niet normaal gebruikt worden maar daarentegen voor terroristische doeleinden aangewend worden.
  • Om dit soort misbruik te voorkomen zijn er sinds 1 januari 2005 nieuwe maatregelen van kracht (zie ADR punt 1.10)
    Men maakt in deze regelgeving een onderscheid tussen "gewone" gevaarlijke goederen en gevaarlijke goederen met een hoog risico.
  • Onder "gevaarlijke goederen met een hoog risico" beschouwt men deze die ernstige uitwerkingen kunnen hebben zoals grote verwoestingen, massaal verlies van mensenlevens enz.
  • Naast de voor de hand liggende stoffen zoals ontplofbare en radioactieve stoffen vallen onder deze categorie onder andere ook de giftige en/of brandbare gassen, zeer brandbare vloeistoffen, zeer corrosieve stoffen, kunstmeststoffen op basis van ammoniumnitraat enz.... Ook de wijze van vervoer (tank, losgestort, colli,...) en de vervoerde hoeveelheid is van belang.
  • Klik hier om de volledige lijst van gevaarlijke stoffen met een hoog risico en hun vervoerswijze te bekijken.
 
 

 
 

MAATREGELEN TE NEMEN BIJ VERVOER VAN STOFFEN MET HOOG RISICO

 
 
  • Iedereen die betrokken is bij het vervoer van gevaarlijke stoffen moet overeenkomstig zijn verantwoordelijkheden voldoen aan beveiligingseisen.
  • De gevaarlijke goederen mogen slechts aan behoorlijk geïdentificeerde vervoerders aangeboden worden voor transport.
  • De zones die binnen tijdelijke verblijfsterminals, opslagplaatsen, voertuigdepots, aanlegplaatsen en rangeerstations gebruikt worden voor de tijdelijke opslag van gevaarlijke goederen tijdens het vervoer, moeten correct beveiligd zijn, goed verlicht en ontoegankelijk zijn voor het publiek.
  • Elk lid van de bemanning van een voertuig dat gevaarlijke goederen vervoert moet gedurende het transport een identiteitsbewijs bij hebben voorzien van een pasfoto.
  • De opleiding van personen anders dan chauffeurs en veiligheidsadviseurs moet ook onderdelen bevatten die betrekking hebben op veiligheidsbewustzijn.
  • Afzenders, vervoerders en bestemmelingen behoren met elkaar en met de betrokken overheid samen te werken om aanwijzingen voor eventuele bedreigingen uit te wisselen. Men dient geschikte maatregelen te nemen en op voorvallen reageren die de veiligheid in gevaar brengen.
  • Er moet gebruik gemaakt worden van apparaten, uitrusting en/of procedures om diefstal van voertuigen of lading te voorkomen. Deze maatregelen moeten efficient en steeds operationeel zijn. Het aanwenden van deze beschermingsmaatregelen mag de interventies van de hulpdiensten niet in gevaar brengen.
    Wanneer zulks van nut is en de benodigde apparatuur reeds aanwezig is, zou gebruik gemaakt moeten worden van telemetrische systemen of andere methodes of uitrustingen die toelaten om de verplaatsingen van de gevaarlijke goederen met verhoogd risico te volgen
  • Vervoerders, afzenders en anderen die bij het vervoer van gevaarlijke stoffen met verhoogd risico betrokken zijn moeten veiligheidsplannen invoeren en naleven.(zie punt 1.10.3.2 ADR)
  • Aanbevelingen voor de bepalingen betreffende beveiliging (engelstalig) klik hier.
 
 
 
     
 
ADR 2009
 
     
Sluit Venster
© 2005-2016 www.gevaarlijke-stoffen.be